En dan slaat kanker toe!
Een ziekte waarvan ik nooit had verwacht dat die mij zou overkomen, diende zich plotseling en onverwacht aan.
Het begon allemaal met een cyste boven mijn linkeroog. Eerst was deze klein en onbeduidend, nauwelijks zichtbaar of voelbaar. Het leek niet meer dan een klein bultje dat geleidelijk groter werd, zonder dat ik er last van had. Daarom liet ik het zitten; zolang het mij niet hinderde, zat het mij ook niet in de weg. Zo groeide de cyste maandenlang door, totdat ik er uiteindelijk toch last van kreeg en naar de huisarts ging.
Naar de huisarts
De huisarts vond de plek waar de cyste zat lastig te behandelen en verwees mij door naar een plastisch chirurg. Enkele weken later werd ik in het ziekenhuis behandeld. De plastisch chirurg vond dat de cyste er vreemd uitzag en stuurde deze daarom op naar de patholoog-anatoom. Zelf was ik blij dat ik van dat irritante ding verlost was en dacht ik er verder niet meer over na. Totdat ik nog geen week later werd gebeld door dezelfde plastisch chirurg.
De telefonische mededeling
“Meneer, ik moet u helaas meedelen dat u een zeldzame vorm van huidkanker heeft: een merkelcelcarcinoom. Deze vorm is behoorlijk agressief. We zullen direct starten met verdere onderzoeken.”
Wat is er aan de hand? Wat overkomt mij nu?
Plotseling was er een sluipmoordenaar in mijn leven gekomen: een monster dat zich ongemerkt in mijn lichaam had verscholen. Help, wat nu? Op dat moment zakte de grond onder mijn voeten weg. Ik was verdoofd, alsof ik uit een nachtmerrie ontwaakte, maar deze nachtmerrie was werkelijkheid. Wat doet zoiets met een mens?
Wat nu?!!
Opeens was mijn lichaam ziek, aangetast door het monster dat kanker heet, terwijl ik mijzelf niet of nauwelijks ziek voelde. Het was onwerkelijk en in het begin ging ik er luchtig mee om. Wanneer ik het aan anderen vertelde, voelde het alsof ik het over iemand anders had en niet over mezelf. Maar geleidelijk begon het kwartje te vallen, vooral toen de eerste onderzoeken begonnen. In die periode besefte ik steeds meer dat ik uit een soort verdoving ontwaakte. Mijn emoties speelden steeds meer op en ik kon steeds minder aan. Ik begon te begrijpen dat deze emotionele achtbaan heel normaal is wanneer je met een ernstige ziekte te maken krijgt.
Naar het ziekenhuis
De eerste periode was meteen intens. Ik moest verschillende onderzoeken ondergaan om te kijken of er uitzaaiingen in mijn lichaam waren. Daaruit bleek dat er geen uitzaaiingen in de rest van mijn lichaam waren, maar alleen in mijn hoofd. Ik werd doorverwezen naar Amsterdam om daar in een gespecialiseerd ziekenhuis behandeld te worden. En al die tijd was er die akelige onzekerheid. Tegelijkertijd wist en weet ik mij gedragen door gebed.
Natuurlijk vertrouw ik op God, en in dat opzicht heeft mijn geloof er absoluut niet onder geleden. Als mijn tijd gekomen was, dan had ik dat ook geaccepteerd.
Operatie
In het ziekenhuis in Amsterdam, het AVL/NKI, was ik inmiddels door een hele medische molen gegaan. Daar zou ik geopereerd worden. Ik hoorde wat er allemaal ging gebeuren, maar kon er hooguit een kwart van opnemen. Ik wilde er vooral doorheen, zodat het achter de rug zou zijn. Wat er daarna nog naar boven zou komen, was een zorg voor later — al vond ik het natuurlijk ook ontzettend spannend en eng. Dat is niet zo vreemd wanneer je nog nooit eerder zoiets hebt meegemaakt. De operatie duurde een paar uur, maar voor mijn gevoel ging het heel snel. Op de uitslaapkamer wilde ik het liefst lekker doorslapen, maar dat mocht helaas niet 😀.
De uitslag
Na de operatie en een periode van herstel kwam de uitslag. De behandelend arts vertelde mij dat er uitzaaiingen in de lymfeklieren waren gevonden. Omdat deze tijdens de operatie gedeeltelijk waren verwijderd, moest een nieuwe scan uitwijzen of er nog uitzaaiingen waren overgebleven. Dat was niet meer het geval. Ik was volledig schoon. Hier zag ik duidelijk de hand van Jezus in omdat een arts in de operatie weefsel weghaalt maar op dat moment niet kan zien of alle kwaadaardige cellen zijn verdwenen! Vaak moet een scan, na de operatie kunnen vaststellen of er wel of geen kankercellen in het lichaam zijn.